22 Het Verdrag van Al-Hudaybiyah
22 The Treaty of Al-Hudaybiyah
Zes jaar waren verstreken sinds de emigratie van de Boodschapper van Allah ﷺ vanuit Makkah. Inmiddels was hij ﷺ gerustgesteld over zijn leger en de algemene staat van de islamitische samenleving in Madinah. De islamitische staat was een belangrijke strijdmacht geworden voor alle Arabieren. Maar ondanks dit dacht de Boodschapper van Allah ﷺ voortdurend na over nieuwe zetten die hem in staat zouden stellen de islamitische boodschap te versterken, wat op zijn beurt zou leiden tot de verzwakking van zijn vijanden.
Six years had elapsed since the emigration of Allah’s Messenger (pbuh) from Makkah. By now he (pbuh) had become reassured about his army and the general state of the Islamic society in Madinah. The Islamic State had become a major force of contention for all the Arabs. But inspite of this, the Messenger of Allah (pbuh) was continually thinking of new moves which would enable him to strengthen the Islamic Message, which in turn would lead to the weakening of his enemies.
Het nieuws had de Boodschapper van Allah ﷺ al bereikt dat de mensen van Khaybar en Makkah een complot smeedden om de moslims aan te vallen. Muhammad ﷺ ontwierp een plan met als doel de mensen van Makkah tegemoet te komen. Er werd gehoopt dat dit ertoe zou leiden dat zij de weg vrij zouden maken voor de Boodschapper van Allah ﷺ om zijn oproep tot de islam (Da’wah) binnen het Arabisch Schiereiland voort te zetten, evenals om de Joden van Khaybar te isoleren van hun bondgenoten, de Quraysh. Om dit te bereiken, vereiste het plan een vreedzaam bezoek aan het Heilige Huis van Allah. Hij ﷺ wist dat zijn plan gemakkelijk te vervullen zou zijn omdat de Arabieren niet zouden vechten tijdens de heilige maanden. Hij ﷺ wist ook dat de Quraysh verdeeld waren en bang waren geworden voor de moslims, waardoor zij twee keer na zouden moeten denken voordat zij een overhaaste actie tegen hem zouden ondernemen. Dus besloot hij ﷺ om als pelgrim naar het Heilige Huis te gaan; als de Quraysh hem zouden verhinderen, dan zou hij dit als een krachtig propagandamiddel tegen hen gebruiken, wat zou dienen om de Boodschap van de islam verder te promoten in de ogen van het algemene publiek.
News had already reached Allah’s Messenger (pbuh) that the people of Khaybar and Makkah were conspiring to raid the Muslims. Muhammad (pbuh) designed a plan with the aim of appeasing the people of Makkah. It was hoped that this would result in them leaving the way clear for the Messenger of Allah (pbuh) to pursue his Da’wah within the Arabian Peninsula as well as to isolate the Jews of Khaybar from their allies, the Quraysh. To achieve this, the plan called for a peaceful visit to the Sacred House of Allah. He (pbuh) knew that his plan would be easy to fulfill because the Arabs would not fight during the sacred months. He (pbuh) also knew that the Quraysh were divided and had become fearful of the Muslims, therefore they would have to think twice before attempting any rash move against him. So he (pbuh) decided to go to the Sacred House as a pilgrim, if the Quraysh were to prevent him then he would use this as a powerful propaganda tool against them and this would serve to further promote the Message of Islam in the eyes of the general public.
Met het bovenstaande in gedachten, kondigde de Boodschapper van Allah ﷺ aan dat hij de hadj zou gaan verrichten in de heilige maand Dhul al-Qa’dah en hij stuurde berichten naar de andere Arabische stammen om hen aan te bevelen vreedzaam deel te nemen aan de bedevaart naar het Heilige Huis. Het doel van deze laatste stap was om aan de Arabieren te signaleren dat hij ﷺ kwam als een pelgrim en niet als een overvaller. Hij ﷺ had de niet-moslim Arabieren gevraagd om zich bij hem aan te sluiten, hoewel zij niet tot zijn religie (Deen) behoorden, simpelweg omdat hij wilde benadrukken dat hij niet wilde vechten.
With the above in mind, the Messenger of Allah (pbuh) announced that he was to go on the Hajj in the sacred month of Dhul al-Qa’dah and he sent to the other Arab tribes enjoining them to take part in the pilgrimage to the Sacred House peacefully. The purpose of this last move was to signal to the Arabs that he (pbuh) was coming out as a pilgrim and not as a raider. He (pbuh) had asked the non-Muslim Arabs to join him although they were not of his Deen simply because he wanted to emphasize that he did not want to fight.
De Boodschapper van Allah ﷺ verliet Madinah met 1.400 mannen en zeventig kamelen, waarbij hij hen leidde op zijn vrouwelijke kameel, Quswa’. Hij ﷺ was in Ihram met het doel om aan de mensen duidelijk te maken dat hij niet van plan was om te vechten en dat hij simpelweg het Heilige Huis van Allah wilde bezoeken. Zes of zeven mijl na het vertrek uit Madinah bereikten de Boodschapper van Allah ﷺ en de moslims een plaats genaamd Dhil Halifah, en daar trokken zij de pelgrimskleding aan. Vervolgens trokken zij richting Makkah. De Quraysh hoorden dat de moslims waren gekomen voor de hadj en niet om te vechten, maar zij vreesden dat het een list was die Muhammad ﷺ gebruikte om Makkah binnen te gaan. Deze mogelijkheid was nooit ver van hun gedachten verwijderd en zij besloten Muhammad ﷺ te verhinderen de stad binnen te gaan.
The Messenger of Allah (pbuh) left Madinah with 1,400 men and seventy camels leading them on his she-camel, Quswa’. He (pbuh) was in Ihram for the purpose of clarifying to the people that he did not intend to fight and that he simply wished to visit the Sacred House of Allah. Six or seven miles after leaving Madinah, Allah’s Messenger (pbuh) and the Muslims reached a place called Dhil Halifah, and there they donned the pilgrim garb. Then they marched towards Makkah. The Quraysh heard that the Muslims had come for Hajj and not to fight, but they feared that it was a ploy that Muhammad (pbuh) was using to enter Makkah. This possibility was never far from their minds and they decided to prevent Muhammad (pbuh) from entering the city.
De Quraysh stelden daarom Khalid ibn al-Walid en ‘Ikrimah ibn Abi Jahl aan het hoofd van een groot leger dat een cavalerie van tweehonderd bevatte. Het leger van de mushrikeen vertrok vanuit Makkah richting de pelgrims om te voorkomen dat zij daarheen zouden gaan. Zij sloegen hun kamp op bij Dhi Tuwa om het aankomst van de pelgrims af te wachten. Informatie over de bewegingen van de Quraysh bereikte de Boodschapper van Allah ﷺ en toen hij het dorp ‘Usfan binnenging, ontmoette hij een man van Banu Ka’ab en vroeg hem naar hen; hij antwoordde: “Daar zijn de Quraysh die van uw komst hebben gehoord en met hun melkende kamelen zijn uitgekomen en luipaardvellen hebben aangetrokken, en die in Dhi Tuwa hun kamp hebben opgeslagen, terwijl zij zweren dat u nooit Makkah zult binnengaan in strijd tegen hen. Deze man Khalid ibn al-Walid is bij hun cavalerie die zij vooraf hebben gestuurd naar Kura’ al-Ghamim.” Kura’ al-Ghamim was ongeveer acht mijl van Usfan verwijderd, waar de moslims hun kamp hadden opgeslagen.
The Quraysh, therefore, appointed Khalid ibn al-Walid and ‘Ikrimah ibn Abi Jahl at the head of a great army that included a cavalry of two hundred. The army of the mushrikeen set off from Makkah towards the pilgrims in order to prevent them from going there. They encamped at Dhi Tuwa to await the coming of the pilgrims. Information about the movements of the Quraysh reached the Messenger of Allah (pbuh) and when he entered the village of ‘Usfan he met a man from Banu Ka’ab and asked him about them; he replied, “There are the Quraysh who have heard of your coming and have come out with their milch-camels and have put on leopard skins, and have encamped in Dhi Tuwa swearing that you will never enter Makkah in defiance of them. This man Khalid ibn al-Walid is with their cavalry which they have sent in advance to Kura’ al-Ghamim.” Kura’ al-Ghamim was about eight miles from Usfan where the Muslims were encamped.
Toen de Boodschapper van Allah ﷺ dit hoorde, zei hij: “Wee Quraysh, de oorlog heeft hen verslonden! Welke schade zouden zij hebben geleden als zij mij en de rest van de Arabieren met rust hadden gelaten om onze eigen weg te gaan? Als zij mij zouden doden, dan is dat wat zij wensen, en als Allah mij de overwinning over hen schenkt, dan zullen zij in groepen tot het geloof (Iman) treden. Als zij dat niet doen, zullen zij vechten zolang zij de kracht hebben, dus waar denkt Quraysh aan? Bij Allah, ik zal niet ophouden te vechten voor de missie waarmee Allah mij heeft belast, totdat Hij deze een overwinning schenkt of ik omkom.” De Boodschapper van Allah ﷺ dacht na over het plan dat hij had ontworpen en hij dacht diep na over de situatie. Hij had al besloten tot een vredige strategie en had zich niet voorbereid op de strijd, maar de Quraysh hadden een leger gestuurd om tegen hem te vechten, hoewel hij niet wilde vechten. Zou hij terugtrekken, of zijn plan veranderen en vechten? Hij wist heel goed dat de moslims genoeg geloof (Iman) hadden om hun vijand onder ogen te komen en een strijd aan te gaan met de Quraysh als zij geen andere keuze hadden dan te vechten.
When Allah’s Messenger (pbuh) heard this he said, “Woe to Quraysh, war has devoured them! What harm would they have suffered if they had left me and the rest of the Arabs to go our own way? If they should kill me that is what they desire, and if Allah should provide me with victory over them they would enter Islam in flocks. If they do not do that, they will fight while they have the strength, so what are the Quraysh thinking of? By Allah, I will not cease to fight for the mission with which Allah has entrusted me until He makes it victorious or I perish.” The Messenger of Allah (pbuh) reflected on the plan that he had designed and he thought hard about the situation. He had already decided on a peaceful strategy and had not prepared for battle, but the Quraysh had sent an army to fight him though he did not want to fight. Would he go back, or change his plan and fight? He knew very well that the Muslims had enough Iman to face their enemy and engage in a battle with the Quraysh if they were left with no choice but to fight.
Echter, de Boodschapper van Allah ﷺ was niet uitgegaan voor oorlog en hij had besloten niet te vechten. Hij was in plaats daarvan uitgegaan om de hadj te voltooien en had enkel vrede in gedachten. Hij ﷺ dacht dat als hij werd verhinderd de hadj te voltooien, wat hij verwachtte, hij wilde dat dit vreedzaam zou gebeuren; niet door agressieve verhindering noch een hadj die werd uitgevoerd onder vijandige omstandigheden. Het vreedzame plan dat de Boodschapper van Allah ﷺ had bedacht, was ontworpen om de publieke opinie binnen Makkah en onder de Quraysh te creëren over de glorie en edelheid van de Boodschap van de islam, en om deze af te zetten tegen de misleiding, arrogantie en agressie van de Quraysh. Deze publieke opinie was cruciaal en moest worden opgebouwd als de islamitische oproep tot de islam (Da’wah) de juiste grondslag moest hebben om te floreren en zich te verspreiden. De publieke opinie was een van de belangrijkste bijdragende factoren die zouden helpen de oproep tot de islam (Da’wah) te verspreiden en het in staat zouden stellen om zegevierend te verschijnen. De Boodschapper van Allah ﷺ liep het gevaar zijn kans om de publieke opinie aan zijn zijde te krijgen te verspillen als hij zou vechten, daarom besloot hij zijn oorspronkelijke plan niet te veranderen en in vrede voort te gaan.
However, Allah’s Messenger (pbuh) had not come out for war and he had decided not to fight. He had instead come out to accomplish the Hajj and had only peace in mind. He (pbuh) thought that if he was prevented from fulfilling the Hajj, which he expected, he wanted it to be peacefully; not aggressive prevention nor a Hajj performed under hostile circumstances. The peaceful plan which Allah’s Messenger (pbuh) had masterminded was designed to create public opinion within Makkah and amongst the Quraysh about the glory and nobleness of the Message of Islam, and to contrast it with the misguidance, arrogance and aggression of the Quraysh. This public opinion was crucial and it had to be built if the Islamic Da’wah was to have the right grounds to prosper and spread. Public opinion was one of the most important contributory factors which would help to spread the Da’wah and enable it to emerge victorious. Allah’s Messenger (pbuh) was in danger of slipping in his chance to gain the public opinion on his side if he was to fight, therefore he decided not to change his original plan and to continue on in peace.
De Boodschapper van Allah ﷺ dacht lang en diep na over zijn volgende stap. Zijn scherpzinnigheid en staatsmanschap waren veel beter dan die van ieder ander persoon. Hij besloot vast te houden aan zijn vredesplan, uit angst dat hij de kans die zich voordeed zou missen en uit angst dat zijn plan zou averechts zou werken. Onder welke omstandigheden de Quraysh een excuus zouden krijgen om een lastercampagne tegen hem te starten onder de Arabieren, wat zou resulteren in het verschuiven van de publieke opinie in hun voordeel. De Boodschapper van Allah ﷺ riep vervolgens de moslims op: “Wie zal ons een weg wijzen waarlangs wij hen niet zullen ontmoeten?” Een man meldde zich aan om dit te doen en hij nam hen mee via een ruig, rotsachtig pad tussen bergpassen dat zeer zwaar voor hen was, totdat het hen lukte om daaruit te verschijnen in een vallei onder Makkah, op een plaats genaamd al-Hudaybiyah. Daar sloegen zij hun kamp op. Toen de legers van Khalid en ‘Ikrimah hen zagen, raakten zij in paniek en galoppeerden zij terug om Makkah te verdedigen. De gewaagde zet van de moslims deed de ongelovigen huiveren. Zij konden niet geloven dat de moslims erin waren geslaagd hen te slim af te zijn en ongestoord voor hun deur verschenen. De ongelovigen stelden zich op in Makkah, terwijl de Boodschapper van Allah ﷺ en zijn leger zich opstelden in al-Hudaybiyah. De twee kampen stonden tegenover elkaar en ieder dacht na over welke actie te ondernemen tegen de ander. Sommige moslims voorspelden dat de Quraysh hen nooit de hadj zouden toestaan en dat zij zich voorbereidden op de oorlog. Zij dachten dat er voor hen geen andere weg was dan de Quraysh te bevechten, hen te verpletteren en vervolgens de hadj te verrichten. Door dit te doen, stelden zij dat dit de Quraysh een voor alle tijden zou verslaan.
The Messenger of Allah (pbuh) thought long and hard about his next move. His shrewdness and statesmanship were far better than any other person. He decided to go with his peace plan, lest he miss the opportunity that presented itself and lest his plan backfired. Under which circumstances the Quraysh would be gifted with an excuse to launch a smear campaign amongst the Arabs against him, resulting in shifting the public opinion in their favor. Allah’s Messenger (pbuh) then called on the Muslims, “Who will take us out by a way in which we shall not meet them?” A man volunteered to do so and he took them by a rugged rocky tract between passes which was very hard on them until they managed to emerge from it into a valley below Makkah in a place called al- Hudaybiyah. There they camped. When the armies of Khalid and ‘Ikrimah saw them they became scared and galloped back to defend Makkah. The Muslims’ daring move sent shivers down the disbelievers’ spines. They could not believe that the Muslims had managed to out maneuver them and turn up at their doorstep unchecked. The disbelievers stationed themselves in Makkah while Allah’s Messenger (pbuh) and his army stationed themselves in al-Hudaybiyah. The two camps faced each other and each thought about what action to take against the other. Some Muslims predicted that the Quraysh would never allow them to perform the Hajj and that they were preparing for war. They thought that there was no other way for them but to fight the Quraysh, crush them and then perform the Hajj. In so doing, they maintained that this would see off the Quraysh once and for all.
De Quraysh flirtte ondertussen met het idee om de moslims te bevechten, zelfs als dit hun eigen ondergang zou betekenen, maar dit idee verdampte al snel omdat zij wisten dat de moslims geduchte tegenstanders waren. Daarom besloten de Quraysh te wachten tot de moslims de eerste stap zouden zetten.
The Quraysh, meanwhile, flirted with the idea of fighting the Muslims, even if this meant perishing itself, but this idea soon evaporated for they knew that the Muslims were formidable opponents. Thus, the Quraysh opted to wait for the Muslims to make the first move.
Om te bereiken waarvoor hij ﷺ werkelijk was gekomen, hield de Boodschapper van Allah ﷺ standvastig vast aan zijn oorspronkelijke plan sinds hij in Madinah de ihram had aangetrokken. Hij ﷺ bleef simpelweg gestationeerd in Hudaybiyah, wachtend om te zien wat de Quraysh vervolgens zouden doen. Hij ﷺ wist dat de Quraysh bang voor hem waren en dat zij spoedig gezanten zouden sturen om met hem te onderhandelen over zijn komst voor de hadj, dus hij ﷺ wachtte geduldig op hun vertegenwoordigers. De Quraysh stuurden eerst Budayl ibn Warqa’ met enkele mannen van Khuza’ah om de Boodschapper van Allah ﷺ te vragen waarvoor hij was gekomen, en na een kort woordenwisseling waren zij ervan overtuigd dat de moslims niet waren gekomen om te vechten, maar om het Heilige Huis te bezoeken en de heilige gebieden te eren.
In order to achieve what he (pbuh) had really come for, the Messenger of Allah (pbuh) firmly adhered to his original plan ever since he had put on Ihram in Madinah. He (pbuh) simply remained stationed in Hudaybiyah, waiting to see what the Quraysh would do next. He (pbuh) knew that the Quraysh were scared of him and that they would soon send out envoys to negotiate with him about his coming on Hajj, so he (pbuh) patiently awaited their representatives. The Quraysh first sent Budayl ibn Warqa’ with some men of Khuza’ah to ask Allah’s Messenger (pbuh) what he had come for, and after a short exchange of words they were convinced that the Muslims had not come out to fight but to visit the Sacred House and venerate the sacred precincts.
De gezanten keerden terug om de Quraysh te informeren en hen hiervan te overtuigen, maar de Quraysh beschuldigden hen ervan partijdig te zijn naar Muhammad ﷺ en vertrouwden hen niet. De Quraysh stuurden een andere delegatie uit en ook deze keerde spoedig terug met dezelfde bevindingen. Vervolgens stuurden de Quraysh al-Hulays, het hoofd van al-Ahbash (Abyssiniërs), naar de Boodschapper van Allah ﷺ om te onderhandelen. De Quraysh rekende op al-Hulays om Muhammad ﷺ te stoppen; ze waren eigenlijk van plan hem tegen de moslims op te hitsen. De Quraysh hoopten dat zodra hij gefaald had in zijn onderhandelingen met Muhammad ﷺ, zijn haat tegenover Muhammad ﷺ zou toenemen en hij vastberadener zou worden om Mekka te verdedigen. Echter, toen de Boodschapper van Allah ﷺ hoorde dat al-Hulays onderweg was, beval hij ﷺ dat de offerdieren losgelaten moesten worden om hem te ontmoeten, om hem zo te laten zien en te laten beseffen dat de bedoeling van de moslims hadj was en geen oorlog.
The envoys returned to inform the Quraysh and persuade them of this, but the Quraysh accused them of being biased towards Muhammad (pbuh) and did not trust them. The Quraysh sent out another delegation and it too returned shortly with the same findings. Then the Quraysh sent to Allah’s Messenger (pbuh) al-Hulays, chief of al-Ahbash (Abyssinians) to negotiate. Quraysh was counting on al-Hulays to stop Muhammad (pbuh), they actually meant to incite him against the Muslims. The Quraysh hoped that once he had failed in his negotiations with Muhammad (pbuh) his hatred towards Muhammad (pbuh) would increase and he would become more determined to defend Makkah. However, when the Messenger of Allah (pbuh) heard that al-Hulays was coming he (pbuh) ordered the sacrificial animals to be let loose to meet him so as to demonstrate to him and make him realize that what the Muslims intended was Hajj and not war.
Al-Hulays zag de dieren aan zijn zijde van de vallei voorbijtrekken en mensen die op het punt stonden de kleine bedevaart (Umrah) te verrichten, door te observeren hoe hun kampplaats gehuld was in een sfeer van aanbidding, en dat zij niet uitgerust leken voor strijd, waardoor hij zeer onder de indruk raakte. Hij was er zeker van dat deze mensen werkelijk waren gekomen om aan te bidden en niet om te vechten, en daarom keerde hij terug naar de Quraysh nog voordat hij de Boodschapper van Allah ﷺ had ontmoet, en hij informeerde hen over wat hij had gezien. Hij eiste dat de Quraysh de moslims de hadj zouden toestaan, en werd woedend terwijl hij dreigde zijn troepen terug te trekken als de Quraysh zouden proberen tussen Muhammad ﷺ en de Kaaba te komen. De Quraysh slaagden er echter in hem te kalmeren door hun toon verzoenend te veranderen, en zij vroegen hem om extra tijd in de hoop op meer acceptabele voorwaarden te verkrijgen. Hij stemde hiermee in en de Quraysh stuurden vervolgens ‘Urwa ibn Mas’ud al-Thaqafi, nadat zij Thaqafi hadden gerustgesteld dat zij zijn oordeel vertrouwden. Hij ging naar de Boodschapper van Allah ﷺ en probeerde tevergeefs hem ervan te overtuigen om terug te keren.
Al-Hulays saw the animals going past him from the side of the valley and people about to perform ‘Umrah, through observing their camp site engulfed in an atmosphere of worship, and that they did not appear to be equipped for fighting, he came to be greatly impressed. He was certain that these people really had come to worship and not to fight and so he went back to the Quraysh even before meeting Allah’s Messenger (pbuh) and he informed them of what he had seen. He demanded that the Quraysh allow the Muslims to perform the Hajj, and became furious threatening to withdraw his troops if the Quraysh attempted to come between Muhammad (pbuh) and the Ka’bah. The Quraysh, however, managed to calm him by changing their tone to a conciliatory one, and they asked him for extra time in the hope of obtaining more acceptable terms. He agreed so and the Quraysh then sent ‘Urwa ibn Mas’ud al-Thaqafi after reassuring Thaqafi that they trusted his judgment. He went to Allah’s Messenger (pbuh) and tried in vain to convince him to go back.
Uiteindelijk moest hij toegeven dat de Boodschapper van Allah ﷺ gelijk had. Dus keerde hij terug naar de Quraysh en zei tegen hen: “O mensen van de Quraysh! Ik ben naar Chosroes in zijn koninkrijk geweest, naar Caesar in zijn koninkrijk, en naar de Negus in zijn koninkrijk, maar ik heb nooit een koning onder een volk gezien zoals Muhammad ﷺ onder zijn metgezellen (Sahabah); telkens wanneer hij zijn wassing verrichtte, verrichtten zij hun wassing op dezelfde manier als hij. Als er een haar van zijn hoofd viel, renden zij om deze op te rapen. Zij zullen hem nooit om welke reden dan ook verlaten, dus neem een besluit.”
Eventually, he had to concede that the Messenger of Allah (pbuh) was in the right. So he returned to the Quraysh and said to them, “O people of Quraysh! I have been to Chosroes in his kingdom, Caesar in his kingdom, and the Negus in his kingdom, but never have I seen a king among a people like Muhammad among his Sahabah; whenever he performed his ablutions they performed ablutions the same way he did. If a hair of his head fell they ran to pick it up. They will never abandon him for any reason, so make up your mind.”.
Dit diende enkel om de vijandigheid en koppigheid van de Quraysh te vergroten, en verdere onderhandelingen en debatten waren vergeefs. De Boodschapper van Allah ﷺ overwoog om zelf een delegatie te sturen, in de veronderstelling dat de gezanten van de Quraysh misschien te bang waren om hem te benaderen. Hij ﷺ dacht dat zijn vertegenwoordiger hen wellicht zou kunnen overtuigen en stuurde daarom een gezant naar hen, maar zij sneden de pezen door van de kameel waarop hij reed en probeerden hem te doden. Gelukkig beschermden de troepen van al-Ahbash hem. De animositeit van de Quraysh groeide met de dag en zij stuurden hun ruziemakers 's nachts uit om stenen naar het kamp van de moslims te gooien. Dit maakte de moslims boos en zorgde er op hun beurt voor dat zij de Quraysh wilden bevechten, maar de Boodschapper van Allah ﷺ slaagde erin hen te kalmeren. Vervolgens stuurden de Quraysh vijftig mannen met de opdracht om het kamp van de Boodschapper van Allah ﷺ te omsingelen en hen te slaan, maar zij werden gevangen en voor de Boodschapper van Allah ﷺ gebracht, die hen vergef even en hen hun weg liet gaan.
This only served to increase the Quraysh’s hostility and stubbornness and further negotiation and debate went on to no avail. The Messenger of Allah (pbuh) thought about sending a delegation himself, presuming that maybe the Quraysh’s envoys were too scared to approach him. He (pbuh) thought that his representative might be able to persuade them and so he sent to them an envoy, but they hamstrung the camel that he was riding on and tried to kill him. Fortunately, the al-Ahbash troops protected him. The Quraysh’s animosity grew by the day and they sent their louts out at night to throw stones at the Muslims’ camp. This angered the Muslims and caused them in turn to want to fight the Quraysh, but the Messenger of Allah (pbuh) managed to calm them down. Next, the Quraysh sent fifty men with orders to surround the Messenger of Allah’s camp and beat them, but they were caught and brought before the Messenger of Allah (pbuh) who forgave them and let them go their own way.
Deze laatste ontwikkeling had een diepgaand effect op de mensen van Makkah en het bewees zonder enige twijfel dat Muhammad ﷺ de hele tijd de waarheid had gesproken. Het toonde aan dat hij werkelijk was gekomen om de hadj te verrichten en niet om zich over te geven aan oorlogvoering. Met deze zet slaagde hij ﷺ er zo in om de publieke opinie in Makkah in zijn voordeel te beïnvloeden. Als hij nu de stad zou binnengaan en de Quraysh zouden proberen hem te verhinderen, zouden de mensen van Makkah en de Arabieren hem volledig bijstaan en hem tegen hen ondersteunen. De Quraysh staakten daarom hun provocerende activiteiten en begonnen serieus over vrede na te denken. De Boodschapper van Allah ﷺ besloot een andere gezant te sturen om met de Quraysh te onderhandelen en hij vroeg ‘Umar ibn al-Khattab om te gaan, maar ‘Umar zei tegen hem: “O Boodschapper van Allah ﷺ, ik vrees voor mijn leven bij de Quraysh, er is niet meer van Banu ‘Adi ibn Ka’ab in Makkah om mij te beschermen en de Quraysh weten van mijn vijandigheid en mijn ruwe behandeling van hen. Echter, ik raad een man aan die daar meer gewaardeerd wordt dan ikzelf, ‘Uthman ibn ‘Affan.””
This last development had a profound effect on the people of Makkah and it proved without a shadow of a doubt that Muhammad (pbuh) had been truthful all along. It demonstrated to them that he had genuinely come to perform the Hajj and not to indulge in warfare. With this move he (pbuh) thus managed to motivate public opinion in Makkah in his favor. Now if he was to enter the city and the Quraysh attempted to prevent him the people of Makkah and the Arabs would back him all the way and support him against them. The Quraysh, therefore, ceased their provocative activities and began to seriously contemplate peace. The Messenger of Allah (pbuh) decided to send another envoy to negotiate with the Quraysh and he asked ‘Umar ibn al-Khattab to go, but ‘Umar told him, “O Messenger of Allah, I fear for my life with the Quraysh, there is no more of Banu ‘Adi ibn Ka’ab in Makkah to protect me and the Quraysh know of my enmity and my rough treatment of them. However, I recommend a man more prized there than myself, ‘Uthman ibn ‘Affan.”.
De Boodschapper van Allah ﷺ riep vervolgens ‘Uthman en stuurde hem naar Abu Sufyan. ‘Uthman ging weg en bracht de boodschap van de Boodschapper van Allah ﷺ aan hen over. Zij zeiden tegen hem: “Als je om het Heilige Huis wilt lopen, loop er dan omheen.” Hij zei: “Ik kan dat niet doen totdat de Boodschapper van Allah ﷺ dat doet.” ‘Uthman begon vervolgens vredesonderhandelingen met de Quraysh, maar zij bleven het idee afwijzen. De onderhandelingen waren uitgebreid en bleken soms moeilijk, maar de positie van de Quraysh begon te verschuiven van een categorische weigering naar een poging om een compromis te bereiken dat beide partijen zou bevredigen. Zij zochten samen naar een uitweg, zij namen de stijl van ‘Uthman aan en voelden zich op zijn gemak bij hem, en zo was het dat zij uiteindelijk probeerden te werken aan het beëindigen van de crisis en daarmee hun staat van oorlog met Muhammad ﷺ te beëindigen.
The Messenger of Allah (pbuh) then summoned ‘Uthman and sent him to Abu Sufyan. So ‘Uthman went off and conveyed the Messenger of Allah’s (pbuh) message to them. They said to him, “If you want to go around the Sacred House, go around it.” He said, “I cannot do so until the Messenger of Allah (pbuh) does so.” ‘Uthman then initiated peace negotiations with the Quraysh, but they continued to reject the idea. The negotiations were extensive and proved difficult at times, however, the Quraysh’s position began to shift from a categorical refusal to an attempt to reach a compromise which would satisfy both parties. They searched together for a way out, they took to ‘Uthman’s style and felt at ease with him, and so it was that they ultimately endeavored to work to secure an end to the crisis and thereby terminate their state of war with Muhammad (pbuh).
Toen ‘Uthman zijn verblijf verlengde en nergens in Makkah te bekennen was, brak er een gerucht los in het kamp van de moslims dat de Quraysh hem hadden gedood. De moslims waren verbolgen door het nieuws en zij grepen allen naar hun zwaarden, klaar om de strijd aan te gaan met de Quraysh. Op dit punt vond de Boodschapper van Allah ﷺ het noodzakelijk om zijn hele plan te herzien, nu de Quraysh ‘Uthman blijkbaar hadden verraden in de heilige maand, ondanks het feit dat hij een gezant was. Daarom zei hij ﷺ: “Wij zullen niet vertrekken voordat we de vijand hebben bevochten.” Hij ﷺ riep zijn metgezellen (Sahabah) bij elkaar en stond onder een boom waar hij een verbintenis (belofte) zocht, en het was daar dat zij hem allen beloofden dat zij zouden vechten tot de dood. Zodra de belofte was gegeven, sloeg de Boodschapper van Allah ﷺ zijn hand tegen de andere als een belofte namens ‘Uthman, alsof hij bij hen was geweest. De belofte werd bekend als de Bay’at al-Ridwan, waarover Allah (SWT) zei,
When ‘Uthman extended his stay and was nowhere to be seen in Makkah, a rumor broke out in the Muslim camp that the Quraysh had killed him. The Muslims were incensed by the news and they all reached for their swords ready to do battle with the Quraysh. At this point, the Messenger of Allah (pbuh) found it necessary to review his whole plan now that the Quraysh had apparently betrayed ‘Uthman in the sacred month, despite being an envoy. Because of this, he (pbuh) said, “We shall not leave until we fight the enemy.” He (pbuh) summoned his Sahabah and stood under a tree where he sought an undertaking (pledge), and it was there that they all pledged to him that they would fight until death. Once the pledge had been given, Allah’s Messenger (pbuh) clapped his hand against the other as a pledge on behalf of ‘Uthman, as if he had been with them. The pledge became known as the Bay’at al-Ridwan regarding which Allah (swt) said,
“Voorwaar, Allah was tevreden met de Gelovigen toen zij u hun Ba’yah (gelofte) gaven onder de boom; Hij wist wat er in hun harten was, en Hij zond “As-Sakinah” (rust en kalmte) op hen neer, en Hij beloonde hen met een nabije overwinning” [Al-Fath, 48:18].
“Indeed, Allah was pleased with the Believers when they gave their Ba’yah (pledge) to you under the tree, He knew what was in their hearts, and He sent down “As-Sakinah” (Calmness and tranquillity) upon them, and He rewarded them with a near Victory” [Al-Fath, 48:18].
Nadat de Ba’yah was gegeven en terwijl de moslims zich voorbereidden op de strijd, bereikte het kamp het nieuws dat ‘Uthman niet was gedood. Kort daarna keerde ‘Uthman terug en informeerde de Boodschapper van Allah ﷺ over wat de Quraysh hadden gezegd. Daarna werden de vredige onderhandelingen tussen de Boodschapper van Allah ﷺ en de Quraysh hervat. De Quraysh stuurden vervolgens Suhayl ibn ‘Amr om met de Boodschapper van Allah ﷺ te onderhandelen over de kwestie van het wapenstilstand dat tussen de twee kampen getekend zou worden, evenals over de bredere kwesties betreffende het uitvoeren van de hadj en de kleine bedevaart (Umrah). In het geval van dat laatste was de voorwaarde dat de Boodschapper van Allah ﷺ pas het volgende jaar weer zou mogen terugkeren.
Once the Ba’yah had been given, and while the Muslims were preparing for battle, news reached the camp that ‘Uthman had not been killed. Soon after ‘Uthman returned and briefed the Messenger of Allah (pbuh) about what the Quraysh had said. Peaceful negotiations then resumed between Allah’s Messenger (pbuh) and the Quraysh. The Quraysh then sent Suhayl ibn ‘Amr to negotiate with the Messenger of Allah (pbuh) over the issue of the armistice to be signed between the two camps, and as well over the broader issues concerning the performance of the Hajj and ‘Umrah. In the case of the latter the condition was that the Messenger of Allah (pbuh) should only be allowed back the following year.
De Boodschapper van Allah ﷺ stemde ermee in om vredesonderhandelingen onder deze voorwaarden te voeren, omdat ze hem dat boden waar hij in de eerste plaats werkelijk voor was gekomen. Het zou er daarom niet toe doen of hij dit jaar of volgend jaar het Heilige Huis zou bezoeken. Wat hij ﷺ werkelijk wilde, was Khaybar te isoleren van de Quraysh en alle obstakels te verwijderen die tussen hem en de Arabieren stonden en die zijn oproep tot de islam (Da’wah) en de overdracht van de Boodschap van de islam hinderden. Dat is de reden waarom hij een verdrag met de Quraysh wilde sluiten en een wapenstilstand wilde bewerkstelligen die een einde zou maken aan hun oorlog. Wat betreft de hadj en de kleine bedevaart (Umrah), dat kon hij altijd volgend jaar uitvoeren.
The Messenger of Allah (pbuh) agreed to conduct peace negotiations on these terms because they secured for him what he had really come for in the first place. It would not matter therefore whether he visited the Sacred House this year or the next. What he (pbuh) truly wanted was to isolate Khaybar from the Quraysh and to remove all the obstacles that stood between him and the Arabs which hindered his Da’wah and conveyance of the Message of Islam. That is why he wanted to sign a treaty with the Quraysh and hold a truce which would put a halt to their war. As for the Hajj and ‘Umrah, he could always perform that next year.
De Boodschapper van Allah ﷺ ging langdurige en delicate onderhandelingen aan met Suhayl ibn ‘Amr over de wapenstilstand en de voorwaarden ervan. De onderhandelingen bleken soms moeilijk te zijn en liepen het risico te mislukken als het niet was geweest voor de scherpzinnigheid van de Boodschapper van Allah ﷺ. De moslims volgden de ontwikkelingen nauwlettend en dachten dat de onderhandelingen over de kleine bedevaart (Umrah) gingen, terwijl de Boodschapper van Allah ﷺ de hele tijd streefde naar het veiligstellen van een wapenstilstand. Daarom waren de moslims geïrriteerd, maar de Boodschapper van Allah ﷺ beschouwde dit als een zegen, want hij voerde de onderhandeling op de manier die hij wilde, ongeacht de details en de kortetermijnvoordelen. Er werd een overeenkomst gesloten tussen de twee partijen zodra bepaalde specifieke voorwaarden waren vastgesteld.
Allah’s Messenger (pbuh) entered into long and delicate negotiations with Suhayl ibn ‘Amr about the truce and its conditions. The negotiations proved to be hard at times and were threatened with collapse had it not been for the shrewdness of the Messenger of Allah (pbuh). The Muslims followed the developments closely and thought that the negotiations were about the ‘Umrah, whereas the Messenger of Allah (pbuh) was all along aiming at securing a truce. Therefore, the Muslims were irritated, but Allah’s Messenger (pbuh) thought this to be a blessing, for he conducted the negotiation the way he wanted, regardless of the details and short term benefits. A deal was struck between the two sides once certain specific conditions had been laid down.
Deze voorwaarden wekten de woede van de moslims en zij probeerden de Boodschapper van Allah ﷺ te overtuigen om deze te verwerpen en in plaats daarvan over te gaan tot oorlog. ‘Umar sprong op en ging naar Abu Bakr, zeggend: “Waarom zouden we instemmen met wat vernederend is voor onze religie (Deen)?” ‘Umar probeerde Abu Bakr te dwingen om met hem mee te gaan om de Boodschapper van Allah ﷺ te overtuigen de voorwaarden niet te accepteren. Abu Bakr probeerde hem echter af te raden een dergelijk initiatief te nemen, maar zonder resultaat. ‘Umar eindigde er uiteindelijk bij om alleen naar de Boodschapper van Allah ﷺ te gaan. Hij sprak met hem ﷺ en uitte zijn woede en frustratie. Dat verminderde echter de vastberadenheid en volharding van de Boodschapper van Allah ﷺ niet, waarbij hij ‘Umar herinnerde: “Ik ben de slaaf van Allah en Zijn Boodschapper. Ik zal niet ingaan tegen Zijn gebod en Hij zal mij niet de verliezer maken.”.”
These conditions triggered the anger of the Muslims and they tried to persuade the Messenger of Allah (pbuh) to reject them and resort instead to war. ‘Umar jumped up and went to Abu Bakr saying, “Why should we agree to what is demeaning to our Deen?” ‘Umar tried to force Abu Bakr to go with him to persuade the Messenger of Allah (pbuh) not to accept the terms. Abu Bakr, however, tried to dissuade him from pursuing such an initiative, but to no avail. ‘Umar ended up going to Allah’s Messenger (pbuh) on his own. He spoke to him (pbuh) and expressed his anger and exasperation. However, that did not diminish Allah’s Messenger’s determination and perseverance, reminding ‘Umar, “I am Allah’s slave and His Messenger. I shall not go against His commandment and He will not make me the loser.”.
Bij het opstellen van het verdrag riep de Boodschapper van Allah ﷺ ‘Ali ibn Abi Talib bij zich en zei tegen hem om te schrijven: “In de naam van Allah, ar-Rahman, ar-Raheem.” Suhayl zei: “Stop! Ik erken ar-Rahman, ar-Raheem niet, maar schrijf ‘In Uw naam, o mijn Heer’.” De Boodschapper van Allah ﷺ zei tegen ‘Ali om dat laatste te schrijven en hij deed dit. Daarna zei hij ﷺ: “Schrijf ‘Dit is wat Muhammad de Boodschapper van Allah ﷺ heeft afgesproken met Suhayl ibn ‘Amr’.” Suhayl zei: “Stop! Als ik getuige was geweest dat jij de Boodschapper van Allah was, zou ik niet tegen je hebben gevochten. Schrijf je eigen naam en de naam van je vader.” De Boodschapper van Allah ﷺ zei: “Schrijf ‘Dit is wat Muhammad ibn ‘Abdullah heeft afgesproken met Suhayl ibn ‘Amr’.” Na deze openingsregels werd het verdrag tussen de twee partijen opgesteld, bestaande uit de volgende bepalingen:
In drawing up the treaty, the Messenger of Allah (pbuh) summoned ‘Ali ibn Abi Talib and told him to write, “In the name of Allah, ar-Rahman, ar-Raheem.” Suhayl said, “Hold it! I do not recognize ar-Rahman, ar-Raheem, but write ‘In your name, O my Lord’.” The Messenger of Allah (pbuh) told ‘Ali to write the latter and he did so. Then he (pbuh) said, “Write ‘This is what Muhammad the Messenger of Allah has agreed with Suhayl ibn ‘Amr’.” Suhayl said, “Hold it! If I witnessed that you were Allah’s Messenger I would not have fought you. Write your own name and the name of you father.” The Messenger of Allah (pbuh) said, “Write ‘This is what Muhammad ibn ‘Abdullah has agreed with Suhayl ibn ‘Amr’.” After these opening lines the treaty between the two sides was written comprising the following terms:
1) De strijd neerleggen en de vijandelijkheden staken tijdens de periode van de wapenstilstand.
1) To lay aside from war and refrain from hostilities during the period of the truce.
2) Als iemand van de Quraysh de Islam aannam en naar Muhammad ﷺ kwam zonder toestemming van zijn voogd, dan zou hij hem naar hen terugsturen, en als iemand van degenen bij Muhammad ﷺ naar de Quraysh kwam, hoefden zij hem niet naar Muhammad ﷺ terug te sturen.
2) If anyone from the Quraysh embraced Islam and came to Muhammad (pbuh) without the permission of his guardian, he would return him to them, and if anyone from those with Muhammad came to the Quraysh, they need not return him to Muhammad.
3) Wie van de Arabieren een verbond met Muhammad ﷺ wilde aangaan, kon dat doen, en wie een verbond met de Quraysh wilde aangaan, kon dat doen.
3) Whosoever wished from amongst the Arabs to enter into an alliance with Muhammad could do so, and he who wished to enter into an alliance with the Quraysh could do so.
4) De moslims en de metgezellen van Muhammad ﷺ moesten dat jaar uit Makkah terugtrekken en het volgende jaar terugkeren, wanneer zij vrij zouden zijn om Makkah binnen te gaan en daar drie nachten te verblijven. Het zou hen toegestaan zijn om zwaarden in hun scheden te dragen en niets meer.
4) The Muslims and Muhammad’s Companions had to retreat from Makkah that year and return the following year when they would be free to enter Makkah and stay there three nights. They would be allowed to carry swords in their sheaths and nothing more.
5) Het verdrag was voor een beperkte periode van tijd, tien jaar vanaf de datum van de ratificatie ervan.
5) The treaty was for a limited period of time, ten years from the date of its ratification.
De Boodschapper van Allah ﷺ en Suhayl tekenden het verdrag te midden van de onrust en de woede van het moslimleger. Suhayl keerde terug naar Makkah, waarbij hij de Boodschapper van Allah ﷺ achterliet, verontrust en geëxasperd door de reactie van de moslims. De Boodschapper van Allah ﷺ voelde zich ongemakkelijk en neerslachtig over de houding van de moslims, hun ijver en hun drang om te vechten, en hij ging naar zijn vrouw Umm Salamah, die hem vergezelde, en bekende haar smart aan haar. Zij zei tegen hem: “O Boodschapper van Allah, voorwaar de moslims zullen u niet ongehoorzaam zijn, zij zijn slechts ijverig voor hun religie (Deen) en hun geloof (Iman) in Allah en uw Boodschap; scheer uw hoofd en slacht uw dieren, en u zult zien dat de moslims hetzelfde zullen doen, en trek daarna met hen terug naar Madinah.” De Boodschapper van Allah ﷺ kwam naar buiten en scheerde zijn hoofd, waarmee hij de kleine bedevaart (Umrah) markeerde, waarna hij zich kalm en tevreden voelde. Toen de moslims hem in die staat zagen, haastten zij zich om de dieren te slachten en hun hoofden te scheren. Daarna keerde de Boodschapper van Allah ﷺ met de moslims terug naar Madinah. Toen zij halverwege de terugreis waren, werd soera al-Fat’h geopenbaard. De Boodschapper van Allah ﷺ reciteerde deze in zijn geheel, en het was op dat moment dat iedereen besefte dat het verdrag van Hudaybiyah inderdaad een duidelijke overwinning voor de moslims was.
The Messenger of Allah (pbuh) and Suhayl signed the treaty amidst agitation and anger of the Muslim army. Suhayl returned to Makkah leaving the Messenger of Allah (pbuh) disturbed and exasperated by the reaction of the Muslims. The Messenger of Allah (pbuh) felt awkward and depressed about the stand of the Muslims, their eagerness and zeal to fight, and he went to his wife Umm Salamah who was accompanying him and confessed to her his anguish. She said to him, “O Messenger of Allah, verily the Muslims will not disobey you, they only are zealous about their Deen and their Iman in Allah and your Message, shave your head and slaughter your animals and you will find that the Muslims will follow suit, then march with them back to Madinah.” The Messenger of Allah (pbuh) came out and shaved his head, marking the ‘Umrah after which he felt calm and satisfied. When the Muslims saw him in that state they rushed to slaughter the animals and shave their heads. Then Allah’s Messenger (pbuh) returned with the Muslims to Madinah. When they were half way back, Sura al-Fat’h was revealed. Allah’s Messenger (pbuh) recited it in its entirety and it was then that everyone realized that the treaty of Hudaybiyah was indeed a clear victory for the Muslims.
Zodra de moslims in Madinah waren aangekomen, begon de Boodschapper van Allah ﷺ plannen te smeden om Khaybar aan te pakken en de boodschap van de Islam buiten het Arabisch Schiereiland te verspreiden, terwijl hij de Islam binnen het schiereiland versterkte. Hij ﷺ wilde gebruikmaken van zijn wapenstilstand met de Quraysh om zich te concentreren op het uitschakelen van enkele pockets van verzet en het aangaan van buitenlandse banden. Het verdrag stelde hem ﷺ in staat dit te bereiken. De Boodschapper van Allah ﷺ slaagde erin het plan uit te voeren dat hij zo scherpzinnig had samengesteld onder het voorwendsel van het uitvoeren van de hadj. Ondanks alle verschillende moeilijkheden en obstakels, slaagde hij ﷺ erin om al de politieke doelen te bereiken die hij had gesteld. Zo was het verdrag van Hudaybiyah, zonder enige twijfel, een grote overwinning. Enkele van de prestaties ervan waren:
As soon as the Muslims had arrived in Madinah, the Messenger of Allah (pbuh) began drawing up plans to deal with Khaybar and spread the Message of Islam beyond the Arabian Peninsula while strengthening Islam within it. He (pbuh) wanted to take advantage of his truce with the Quraysh to concentrate on abolishing a few pockets of resistance and to establish foreign ties. The treaty enabled him (pbuh) to achieve this. The Messenger of Allah (pbuh) managed to carry out the plan that he had so shrewdly pieced together under the pretext of performing the Hajj. Despite all the various difficulties and obstacles, he (pbuh) managed to achieve all of the political goals he had set out to achieve. Thus, without a shadow of a doubt, the treaty of Hudaybiyah was a great victory. Some of its achievements were:
1) De Boodschapper van Allah ﷺ slaagde erin om publieke opinie te creëren voor de Boodschap van de Islam onder de Arabieren in het algemeen en onder de Quraysh in het bijzonder. Dit vergrootte het respect voor de moslims en verminderde dat van de Quraysh.
1) The Messenger of Allah (pbuh) managed to create public opinion for the Message of Islam among the Arabs in general and among the Quraysh in particular. This enhanced the respect of the Muslims and diminished that of Quraysh.
2) Het geloof en het vertrouwen van de moslims in de Boodschapper van Allah ﷺ werd aangetoond. Het bewees dat het geloof (Iman) van de moslims onwankelbaar was; hun moed en bereidheid om zichzelf op te offeren waren ongeëvenaard.
2) The belief and trust of the Muslims in Allah’s Messenger (pbuh) was demonstrated. It proved that the Iman of the Muslims was unshakable, their courage and readiness to sacrifice themselves were second to none.
3) De moslims leerden dat politieke manoeuvres een effectief middel waren om de oproep tot de islam (Da’wah) te bevorderen.
3) The Muslims learned that political maneuvers were an effective means to promote the Islamic Da’wah.
4) De moslims die in Makkah bij de ongelovigen bleven, vormden een enclave binnen de vesting van de vijand.
4) The Muslims who remained in Makkah among the disbelievers formed a pocket within the enemy’s stronghold.
5) Het verdrag van Hudaybiyah toonde aan dat de methode in de politiek afgeleid is van dezelfde denkwijze (bron), waarachtigheid en trouw. De middelen moeten echter gepaard gaan met scherpzinnigheid, en dit kan worden bereikt door de middelen en de werkelijke doelen voor de vijand te verbergen.
5) The Hudaybiyah treaty demonstrated that the method in politics is derived from the same thought (source), truthfulness and faithfulness. However, the means must be coupled with shrewdness, and this can be achieved by concealing the means and the real aims from the enemy.